Dat Australië een geweldig land is, hadden jullie door het lezen van onze blog intussen misschien wel al door. Maar, nobody’s perfect, en we willen – na het advies dat we aan België gaven – ook Australië graag helpen om een Beter Land te worden met deze tips van België voor Australië. Zonder dank!
Beveiliging bankaccount
In Australië, hoewel je ‘t niet zou verwachten in een land waar iedereen op slippers en in shorts loopt, moeten er toch ook mensen zijn die het niet goed voorhebben met anderen? Onze account voor internetbankieren was enkel beveiligd met een paswoord. Nu hebben we in België wel al wat absurde systemen gekend om internetbankieren te beveiligen, maar het huidige systeem met kaartlezers lijkt ons toch een pak veiliger dan de standaard social network beveiliging.
Ook controles bij het maken van overschrijvingen zijn hier niet nodig. Helemààl te gek! De betaalapparaten (banksys/eftpos) hebben hier trouwens ook geen zijsteuntjes, zodat iedereen kan zien welke code je intikt. Madder than cut snakes!
Verdwaalde winkelkarretjes
Niet iedereen neemt in Australië de moeite om een winkelkarretje terug te zetten waar het thuishoort, zelfs al is dat maar 20 meter verder. De oorzaak is natuurlijk dat je hier geen munt in je karretje moet steken. Door een slot op karretjes te zetten lijkt België alvast een veel eenvoudigere en goedkopere oplossing te hebben gevonden dan – zoals Australië doet – iemand in dienst te nemen die non stop karretjes terug verzamelt en beloningen van 1000 dollar uit te delen aan mensen die verloren winkelkarretjes rapporteren.
PIN code
Ook opmerkelijk in dit Land van de Betrouwbare Mensen is dat het niet nodig is om een pincode in te voeren als je een GSM met Australische simkaart aanzet. Als iemand je GSM vindt, of wie weet zelfs steelt (kan dat?!), kan die dus zonder problemen naar hartelust je belkrediet opbellen en -sms’en. Vier cijfertjes invoeren die alleen jij weet geeft opeens zoooveel meer veiligheid.
Lookouts
Minder gevaarlijk, edoch vervelend voor Bezoekers en Bezitters van Fototoestellen, is het feit dat Australië de neiging heeft om een van-ver-aangekondigde en daardoor hoge-verwachtingen-scheppende lookout (als in: een plaats waar je een mooi zicht hebt op de omgeving, en aldus een foto-opportuniteit) te omringen met bomen en struiken. Waardoor, en hier moeten we toch de definitie van het woord ‘lookout’ even in gedachten houden, het zicht belemmerd wordt en de foto-opportuniteit vervalt. Niemand spreekt tegen dat het geen mooie bomen en struiken zijn – wel integendeel. Maar als je een lookout bordje installeert, minstens 4 zijn er dat: één met ‘lookout binnen 1 km’ en één met ‘hier lookout’, en dat in elke rijrichting, en een parking maakt op de desbetreffende plaats, noemt men dit in België Verloren Moeite. Vrees niet, Australië, want de mogelijke oplossingen zijn legio én eenvoudig!
Ofwel behoud je de huidige lookouts (met aanduidingbordjes, wegwijzers en parking) en laat je geregeld een kettingzaag op de bomen en struiken af.
Ofwel verhuis je de lookout-infrastructuur naar een plaats waar, we zeggen maar iets, géén bomen en struiken in de weg staan. De ervaring leert ons dat deze plaatsen bestaan.
Supermarkt Hier
Elk dorp in Australië heeft z’n eigen indoor shopping center, of het scheelt toch niet veel. De airco is dan ook een welkome afkoeling op hete dagen. In deze centers zijn er naast de hoop gespecialiseerde winkels doorgaans ook een Woolworths en/of Coles, de twee belangrijkste supermarktketens van Australië. Volg even volgende denkoefening mee; Als je een groot bord met de naam van je winkel wil ophangen, waar zou je dit doen? Aan de ingang van het shoppingcenter die dichtst is bij de ingang van de winkel in kwestie, lijkt een logische keuze. Zodanig dat, als je bv. een Coles nodig hebt, je richting het bord met ‘Coles’ op kan gaan, en bij het binnengaan meteen de Coles opmerkt en meteen ongehinderd kan winkelen. Maar laten we nu even de Australische Weg bewandelen. Laten we eens een bordje met ‘Coles’ hangen waar nu juist de ‘Woolworths’ is. Of, waar helemaal géén supermarkt is. Je kan natuurlijk al het rondgewandel compenseren door achteraf je winkelkarretje achter te laten naast je auto.
Voetgangers
Doseren, Australië, doseren! By default maaien auto’s overstekende voetgangers gewoon van de baan, geen compassie. Als er echter een zebrapad is, en je nadert dit als voetganger, gaan de aankomende auto’s al van heinde en verre stoppen, en wachten tot je volledig overgestoken bent. Flor zou er trots op zijn. Gevolg (of oorzaak?) is dat er praktisch geen zebrapaden zijn in Australië. Om het even concreet te maken: in het centrum van Darwin, wat naar Belgische normen misschien wat te vergelijken valt met pakweg Aalst (alleen meer krokodillen en minder voil jeanetten), was er welgeteld één zebrapad.
In grote steden als Sydney is het dan weer de gewoonte om bij kruispunten enkel groen licht te geven voor voetgangers als je op tijd op De Knop hebt geduwd. Dit fenomeen is in België welgekend, bij bijvoorbeeld lichten die op een drukke steenweg speciaal aangelegd zijn voor voetgangers, maar hier Down Under maken ze er gretig gebruik van. Het nadeel: als je niet op De Knop duwt: no way dat je dan groen licht zal krijgen, zelfs al heb je op dat moment wel degelijk récht op groen licht! Als je dus een kruispunt nadert, en je bent er twee seconden nadat het groen wordt in jouw richting, kan je fluiten naar je groen licht. Australiërs lossen dit op door toch gewoon over te steken. Een gewoonte die je snel overneemt. Chauffeurs vinden het desalniettemin nodig om je in dit geval de huid vol te schelden.
Misschien is het een idee om gewoon iets meer zebrapaden te voorzien, waar auto’s dan normaal gesproken aan stoppen als er een voetganger oversteekt. Op de rem gaan staan als een voetganger zich binnen de 10 meter van een zebrapad bevindt is in dit geval niet nodig en hindert zelfs het verkeer.
Inkomprijzen
Dat Australië een groot land is, moeten we jullie wellicht niet meer vertellen. Qua oppervlakte is het wat te vergelijken met Europa – het is dus niet verwonderlijk dat er tussen de verschillende staten verschillen zijn. Waar Western Australia een vrij logische manier heeft van inkom vragen voor nationale parken, met 11 dollar voor een ‘daypass’, en de mogelijkheid om een pas te kopen voor een langere periode; houdt Northern Territory er een vreemdere politiek op na. Hier moeten we misschien teruggrijpen naar het motto van het vorige bericht: ‘Doseren!’ Laat het mij even verduidelijken. Voor Kakadu NP (groter dan België, nvdr) en Uluru-Kata Tjuta NP vraagt men 25 dollar per persoon, weliswaar geldig voor een langere periode, maar toch – de volle 25 dollar per persoon! Alle andere nationale parken, inclusief parels als Kings Canyon en Finke River NP, zijn dan weer gratis. Ach ja. Misschien een ticket invoeren dat echt nationaal is?
Zorg voor je borsten!
Australische dames, jullie hebben wel degelijk borsten! (In de Engelse traditie.) Sommige zomerkleedjes zijn inderdaad moeilijk te combineren met een doorsnee bh, maar als je pakweg een C-cup hebt is het géén aanrader om de bh dan gewoon maar te laten voor wat het is. Er zìjn oplossingen voor!
Ook bij het sporten kan zo’n bustehouder best handig zijn. Van de vele vrouwelijke joggers in de parken van Sydney droeg bijna niemand een exemplaar dat alles op z’n plek hield. Geen zicht en heel gemakkelijk ziet het er ook niet uit.
Een D-cup in een driehoekjes-bikini voor maat B persen, trekt misschien wel wat mannen aan, het ziet er niet uit, is niet wave-proof en trekt bovendien de verkeerde mannen aan.
‘Marie-Jo’, er is werk aan de winkel in Australië!

Reacties
tof ook eens een ander standpunt in te nemen
moet ik me hier als voetganger aangesproken voelen?